Wat kan je doen bij een vermoeden van autisme bij een volwassene?

Denk je dat je partner, ouder, familielid of iemand uit je omgeving misschien autisme heeft?
Dan is het belangrijk dat die persoon zelf beslist of die diagnostiek wil laten doen.

Je kan je vermoeden voorzichtig bespreken. Je kan ook informatie over autisme delen. Maar uiteindelijk kiest de persoon zelf of die een onderzoek wil starten.

Hoe verloopt diagnostiek bij volwassenen?

Diagnostiek naar autisme gebeurt best via een grondig onderzoek door een gespecialiseerd team.

Dat onderzoek bestaat meestal uit:

  • één of meerdere uitgebreide gesprekken met de persoon zelf;

  • vragenlijsten of diagnostische instrumenten;

  • informatie over de ontwikkeling in de kindertijd;

  • informatie over het huidige functioneren.

Autisme is een ontwikkelingsverschil dat al vanaf de vroege kindertijd aanwezig is. Daarom proberen onderzoekers ook zicht te krijgen op hoe iemand als kind functioneerde.

Bij voorkeur worden ouders of oudere broers of zussen betrokken. Wanneer dat niet mogelijk is, kunnen ook andere familieleden informatie geven.

Soms helpen ook andere bronnen, zoals:

  • foto’s of homevideo’s;

  • schoolrapporten;

  • agenda’s of dagboeken.

Ook mensen uit de omgeving kunnen informatie geven over het dagelijks functioneren, bijvoorbeeld een partner, familielid, vriend of collega.

 

Waar kan je terecht voor diagnostiek?

Voor diagnostiek naar autisme kan je terecht bij gespecialiseerde teams of centra.

Diagnostiek met terugbetaling gebeurt meestal via multidisciplinaire teams. Daar werken verschillende professionals samen, zoals psychologen, psychiaters en artsen.

De vraag naar diagnostiek bij volwassenen is de laatste jaren sterk toegenomen. Daardoor zijn er op veel plaatsen lange wachtlijsten.

Sommige mensen kiezen daarom voor diagnostiek in een privépraktijk. De wachttijden zijn daar vaak korter, maar het onderzoek wordt meestal niet of maar gedeeltelijk terugbetaald.

Vraag daarom vooraf altijd:

  • hoeveel het onderzoek ongeveer kost;

  • hoeveel gesprekken nodig zijn;

  • wat wel en niet wordt terugbetaald.

Zo weet je beter wat je kan verwachten.

 

Denk ook na waarom je een diagnose wilt

Mensen vragen om verschillende redenen diagnostiek.

Voor sommigen helpt een diagnose om meer inzicht te krijgen in zichzelf. Voor anderen kan een diagnose ook helpen om ondersteuning of aanpassingen te vragen.

Het kan daarom zinvol zijn om vooraf na te denken over wat je hoopt dat een diagnose zal betekenen.

 

Diagnose voor erkenning van een handicap

Soms vragen mensen een diagnose omdat ze een erkenning van handicap willen aanvragen.

Dat kan bijvoorbeeld bij:

  • de FOD Sociale Zekerheid (bijvoorbeeld voor een tegemoetkoming);

  • het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH).

In dat geval gelden er specifieke voorwaarden.

De diagnose moet dan meestal:

  • gesteld zijn door een erkend arts of gespecialiseerd team;

  • gebaseerd zijn op een grondig diagnostisch onderzoek;

  • duidelijk beschrijven welke beperkingen iemand ervaart in het dagelijks functioneren.

Informeer daarom vooraf bij de betrokken organisatie welke diagnostische verslagen zij aanvaarden. Zo voorkom je dat je later opnieuw onderzoek moet laten doen.