In de supermarkt

Voor je vertrekt, kan het helpen om even te checken of je alles bij hebt.

 

Essentiële dingen

  • Boodschappenlijst
    Op papier of op je smartphone, zodat je niets vergeet.

  • Pen
    Om items af te vinken als je ze in je kar of mand legt.

  • Portemonnee
    Met cash geld en/of je bankkaart.

  • Muntstukken (€0,50 of €1)
    Nodig bij sommige winkels voor een winkelkarretje.

 

Extra’s die handig kunnen zijn

  • Klantenkaart
    Voor kortingen of promoties.
    Sommige mensen gebruiken een sleutelhanger, anderen een app zoals Stocard, waarin je meerdere klantenkaarten kan bewaren.

  • Boodschappentas, mand of zak
    Zo hoef je geen zakje te kopen en draag je alles makkelijker.

  • Diepvrieszak (eventueel met koelelement)
    Aan te raden als je diepvriesproducten koopt, zeker bij warm weer of een langere terugweg.

  • Leesbril
    Als je die nodig hebt om etiketten of prijzen te lezen.

 

Afhankelijk van hoe je naar de winkel gaat

  • Met de auto: neem je autosleutels mee.

  • Met het openbaar vervoer: vergeet je vervoerspas of ticket niet.

 

Tip

Je kan een vaste checklist maken (op papier of in je gsm) met wat je altijd meeneemt.
Zo hoef je dit niet elke keer opnieuw te onthouden.

 

Belangrijke boodschap

Je hoeft niet alles perfect te doen.
Wat telt is dat je een systeem gebruikt dat voor jou werkt en stress vermindert.

Wanneer je de supermarkt binnenkomt, kan je eerst even oriënteren. Dat helpt om rustiger te starten.

 

Mandje of winkelkar

Bekijk vooraf op je boodschappenlijst:

  • heb je weinig producten nodig → neem een mandje;

  • heb je veel producten nodig → neem een winkelkar.

Voor een winkelkar heb je vaak een muntstuk nodig (€0,50, €1 of €2).

 

Leeggoed binnenbrengen

Heb je leeggoed bij (zoals glazen flessen of bakken)?

  • Breng dit eerst naar de leeggoedautomaat.

  • Zet de flessen of bakken op de transportband.

  • Volg de instructies op het scherm.

  • Je krijgt een ticket.

Geef dit ticket af aan de kassa bij het betalen.
Dan wordt het bedrag van je totaalbedrag afgetrokken.

Ben je het ticket vergeten af te geven?
Dat is geen probleem. Je kan het bij een volgende winkelbeurt gebruiken.

 

Je route door de winkel

Hoe je door de winkel loopt, hangt af van je lijstje:

  • staat je lijst in volgorde van de winkel → volg die route;

  • staat alles door elkaar → kijk per afdeling wat je nodig hebt
    (bijvoorbeeld: groenten en fruit, conserven, zuivel).

 

Eerste keren in een winkel

Als je nieuw bent in een supermarkt:

  • is het normaal dat je meer gangen moet doorlopen;

  • neem je best wat extra tijd.

Na een tijdje weet je:

  • waar de meeste producten liggen;

  • en kan je gerichter winkelen.

 

Belangrijke boodschap

Je hoeft niet alles meteen efficiënt te doen.
Vertrouwd raken met een winkel gebeurt stap voor stap.

  • Groenten en fruit                            
  • Beenhouwerij
  • Charcuterie                
  • Zuivel (melk, yoghurt, boter, kaas,..) 
  • Bakkerij                     
  • Dranken (water, frisdranken, fruitsappen, melk, bier, alcohol) 
  • Schoonmaakmiddelen (keuken, toilet, waspoeder, poetsgerief)
  • Verzorging en hygiëne
  • Gezouten en conserven (voedingsmiddelen in blik/pot zoals: pastasaus, soep, olie, mayonaise,..)
  • Zoet (ontbijt, koekjes, chocolade, snoep)
  • Chips
  • Thee & Koffie
  • Diepvriesproducten

Wanneer je bij een product komt dat op je boodschappenlijst staat, zie je vaak verschillende merken. Dat kan verwarrend zijn.

Je kan kiezen:

  • op basis van prijs;

  • op basis van smaak of samenstelling;

  • of gewoon voor een product dat je al kent.

Er is geen juiste of foute keuze. Kies wat voor jou het makkelijkst is.

 

Producten afvinken

Heb je een product gekozen:

  • leg het in je mandje of kar;

  • streep het af op je boodschappenlijst.

Dat helpt om overzicht te houden en niets te vergeten.

 

Groenten en fruit

Groenten en fruit die niet voorverpakt zijn:

  • doe je best per soort in een apart zakje;

  • deze zakjes vind je bij de groenten- en fruitafdeling.

In sommige winkels:

  • weeg je groenten en fruit zelf in de afdeling;

  • in andere winkels gebeurt dat aan de kassa.

Kijk of er een weegschaal staat en wat er bij vermeld staat.

 

Diepvriesproducten

Producten uit de diepvries neem je best op het einde van je winkelbezoek.
Zo voorkom je dat ze ontdooien.

 

Bij het kopen van etenswaren is het belangrijk om te kijken naar de houdbaarheidsdatum.
Die datum helpt je om te weten hoe snel je een product moet gebruiken.

Koop je bijvoorbeeld vlees dat nog maar twee dagen houdbaar is, dan moet je dit ook binnen die periode eten. Soms betekent dat dat je je menu wat moet aanpassen.

 

Soorten houdbaarheidsdata

Op voedingsmiddelen kunnen verschillende datums staan. Het is belangrijk om het verschil te kennen.

 

TGT – Te gebruiken tot

Een TGT-datum staat op producten die snel bederven, zoals:

  • vers vlees;

  • vis;

  • eieren;

  • verse kaas.

Wat betekent dit?

  • Na de TGT-datum is het product niet meer veilig om te eten.

  • Is de datum voorbij, dan moet je het product weggooien.

Let op in de winkel

  • Controleer of je het product op tijd kan gebruiken.

  • Volg ook de bewaarinstructies, zoals “koelkast, max. 4 °C”.

 

THT – Ten minste houdbaar tot

Een THT-datum staat op producten die minder snel bederven, zoals:

  • koffie;

  • meel;

  • koekjes en snoep;

  • frisdrank.

Wat betekent dit?

  • Tot de THT-datum blijft het product veilig en van goede kwaliteit.

  • Na de datum kan de smaak, geur of kleur veranderen.

  • Vaak kan je het product nog gebruiken, zolang:

    • de verpakking intact is;

    • het product er normaal uitziet;

    • het niet vreemd ruikt.

Bij THT-producten is het minder belangrijk om in de winkel exact te tellen hoeveel dagen ze nog houdbaar zijn.

 

Producten zonder houdbaarheidsdatum

Voor sommige producten is volgens de wet geen houdbaarheidsdatum verplicht, zoals:

  • azijn;

  • keukenzout;

  • suiker;

  • kauwgom;

  • wijn en dranken met 10% alcohol of meer;

  • vers brood en banket dat snel gegeten wordt;

  • ongeschild en ongesneden fruit, groenten en aardappelen.

Bij deze producten kijk je zelf naar:

  • uitzicht;

  • geur;

  • eventuele schimmel of bederf.

Twijfel je? Dan gebruik je het product beter niet.

 

Verlopen product gekocht?

Merk je thuis dat een product al vervallen was op het moment van aankoop:

  • ga terug naar de winkel;

  • neem het product en je kassaticket mee;

  • zeg dat het product bij aankoop al over datum was.

In de meeste gevallen krijg je:

  • je geld terug;

  • of een vervangend product

Voedingscentrum - eten bewaren

Website met bewaaradvies voor allerlei producten

Huishouden in hokjes

Website met onder meer informatie over boodschappen doen.